2004
Volume 70, Issue 2
  • ISSN: 2542-6583
  • E-ISSN: 2590-3268

Abstract

Charles Darwins Origin of Species (1859) wordt vaak als icoon van het atheïsme beschouwd, omdat de daarin gepresenteerde theorie religieuze verklaringen van de biodiversiteit grotendeels overbodig maakte. Darwin zelf trok echter geen atheïstische conclusies uit zijn theorie. Hoewel hij het christelijk geloof reeds eerder geleidelijk had losgelaten, verwees hij in de Origin verschillende malen naar de Schepper op een manier die men niet als onoprecht kan afdoen. Autobiografische aantekeningen maken duidelijk dat zijn religieuze positie zou blijven fluctueren tussen agnosticisme en theïsme. Nu eens verdedigde Darwin een greater good theodicee, dan weer wanhoopte hij aan de adequaatheid daarvan.

Loading

Article metrics loading...

/content/journals/10.5117/NTT2016.70.151.BRIN
2016-01-01
2021-10-27
Loading full text...

Full text loading...

http://instance.metastore.ingenta.com/content/journals/10.5117/NTT2016.70.151.BRIN
Loading
  • Article Type: Research Article
This is a required field
Please enter a valid email address
Approval was a Success
Invalid data
An Error Occurred
Approval was partially successful, following selected items could not be processed due to error