2004
Volume 138, Issue 2
  • ISSN: 0040-7550
  • E-ISSN: 2212-0521

Abstract

Abstract

In this contribution a fourteenth-century fragment (Leiden, UB, BPL 2387 D) of Jacob van Maerlant’s (ca. 1264) is edited for the first time. The fragment is written by the Brabantine -scribe and consists of two parchment strips that belonged to the same folio. The sixty – mostly remnants of – verses are situated in a passage that Maerlant borrowed from Ovid’s . Until now this passage was known only through the Wissen manuscript, the only fully surviving manuscript of the (Brussel, KBR, IV 927). An analysis of the variants and comparison with the Latin source text show that in the Wissen codex this passage is highly corrupt. Previous research suggested that the Leiden fragment belonged to a manuscript that included two other texts of the -scribe as well: (Stuttgart, Württembergische Landesbibliothek, Donaueschingen 173) and (Brussel, KBR, 18.228). However, some deviations in the execution of the Leiden fragment and the foliation of the -fragment cast doubt on this hypothesis. The Leiden fragment is probably the only remnant of yet another manuscript by the -scribe.

Loading

Article metrics loading...

/content/journals/10.5117/TNTL2022.2.001.BREE
2022-07-01
2022-11-28
Loading full text...

Full text loading...

References

  1. Berendrecht1996 – P.Berendrecht, Proeven van bekwaamheid. Jacob van Maerlant en de omgang met zijn Latijnse bronnen. Amsterdam: Prometheus, 1996.
    [Google Scholar]
  2. Biemans1997 – J.A.A.M.Biemans, Onsen Speghele Ystoriale in Vlaemsche. Codicologisch onderzoek naar de overlevering van de Spiegel historiael van Jacob van Maerlant, Philip Utenbroeke en Lodewijk van Velthem, met een beschrijving van de handschriften en fragmenten. 2 dln. Leuven: Peeters, 1997.
    [Google Scholar]
  3. Biemans2012 – J.A.A.M.Biemans, ‘Conventies, standaarden en varianten’. In: A.Faems & M.Hogenbirk (red.), Ene andre tale. Tendensen in de Middelnederlandse late ridderepiek. Hilversum: Verloren, 2012, p. 215-258.
    [Google Scholar]
  4. Bierl2012 – A.Bierl, ‘Orality, Fluid Textualization and Interweaving Themes. Some Remarks on the Doloneia: Magical Horses from Night to Light and Death to Life’. In: F.Montanari, A.Rengakos & Ch.Tsagalis (ed.), Homeric Contexts. Neoanalysis and the Interpretation of Oral Poetry. Berlijn/Boston: De Gruyter, 2012, p. 133-174.
    [Google Scholar]
  5. Braekman2000 – W.L.Braekman, ‘Fragment van een nieuw handschrift van Maerlants Istory van Troyen’. In: TNTL116 (2000) 3, p. 228-237.
    [Google Scholar]
  6. Caers & Kestemont2011 – B.Caers & M.Kestemont, ‘Over de datering van de Middelnederlandse ridderepiek’. In: Verslagen en Mededelingen van de Koninklijke Academie voor Nederlandse Taal en Letteren121 (2011) 1, p. 1-59.
    [Google Scholar]
  7. Clemens & Graham2007 – R.Clemens & T.Graham, Introduction to Manuscript Studies. Ithaca/Londen: Cornell UP, 2007.
    [Google Scholar]
  8. Davidson1979 – O.Merck Davidson, ‘Dolon and Rhesus in the Iliad’. In: Quaderni Urbinati di Cultura Classica1 (1979), p. 61-66.
    [Google Scholar]
  9. De Pauw & Gailliard1890 – N.De Pauw & E.Gailliard (red.), Dit is die istory van Troyen van Jacob van Maerlant, naar het vijftiendeeuwsche handschrift van Wessel van de Loe met al de Middelnederlandsche fragmenten. dl. 2. Gent: A. Siffer, 1890.
    [Google Scholar]
  10. De Wachter e.a. 2001 – L.de Wachter e.a. (red.), Fragmenten van de Roman van Heinric en Margriet van Limborch. Leuven: Peeters, 2001.
    [Google Scholar]
  11. D’Hane-Scheltema1997 – M.d’Hane-Scheltema, Ovidius. Metamorphosen. Amsterdam: Athenaeum-Polak & Van Gennep, 1997.
    [Google Scholar]
  12. Duinhoven1975 – A.M.Duinhoven, Bijdragen tot de reconstructie van de Karel ende Elegast. dl. 1. Assen: Van Gorcum & Comp. B.V., 1975.
    [Google Scholar]
  13. Fairclough1999 – H.Ruston Fairclough (ed.), Eclogues. Georgics. Aeneid: Books 1-6. Revised by G.P. Goold. Londen: Harvard UP, 1999.
    [Google Scholar]
  14. Franck1882 – J.Franck (red.), Alexanders geesten van Jacob van Maerlant. Groningen: J.B. Wolters, 1882.
    [Google Scholar]
  15. Geirnaert2000 – D.Geirnaert, ‘Membra disiecta: banden met het versneden verleden’. In: R.Jansen-Sieben, J.Janssens & F.Willaert (red.), Medioneerlandsitiek. Een inleiding tot de Middelnederlandse letterkunde. Hilversum, 2000, p. 85-101.
    [Google Scholar]
  16. Gumbert2004 – J.P.Gumbert, Codicologische eenheden – opzet voor een terminologie. Amsterdam: KNAW, 2004.
    [Google Scholar]
  17. Janssens & Jongen2001 – J.Janssens & L.Jongen (red.), Segher Diengotgaf: Trojeroman. Amsterdam: Amsterdam UP, 2001.
    [Google Scholar]
  18. Jongen1988 – L.Jongen, Van Achilles tellen langhe: onderzoekingen over Maerlants bewerking van Statius’ Achilleis in de Historie van Troyen. Deventer: Sub Rosa, 1988.
    [Google Scholar]
  19. Jongen2003 – L.Jongen, ‘And the Winner is…: The Contest over the Arms of Achilles in a Middle Dutch Troy Romance’. In: Neohphilologus87 (2003), p. 501-515.
    [Google Scholar]
  20. Kestemont & Karsdorp2019 – M.Kestemont & F.Karsdorp, ‘Het Atlantis van de Middelnederlandse ridderepiek’. In: Spiegel der Letteren61 (2019) 3, p. 271-290.
    [Google Scholar]
  21. Kienhorst & Mulder1986 – H.Kienhorst & H.Mulder, ‘Copiisten van Middelnederlandse literaire handschriften’. In: Dokumentaal: informatie- en communicatiebulletin voor Neerlandici15 (1986) 3, p. 93-95.
    [Google Scholar]
  22. Kienhorst1988 – H.Kienhorst, De handschriften van de Middelnederlandse ridderepiek. Een codologische beschrijving. Deel 1. Deventer: Sub Rosa, 1988.
    [Google Scholar]
  23. Kienhorst2005 – H.Kienhorst, ‘Hoe moet zo’n boek genoemd worden? Een vernieuwde kijk op Middelnederlandse verzamelhandschriften als codicologisch object’. In: Revue belge de philologie et d’histoire83 (2005) 3, p. 785-817.
    [Google Scholar]
  24. Klein1995a – J.W.Klein, ‘“Het getal zijner jaren is onnaspeurlijk”. Een herijking van de dateringen van handschriften en fragmenten met Middelnederlandse ridderepiek’. In: TNTL111 (1995) 1, p. 1-22.
    [Google Scholar]
  25. Klein1995b - J.W.Klein, ‘(Middelnederlandse) handschriften: productieomstandigheden, soorten, functies’. In: Queeste2 (1995), p. 1-30.
    [Google Scholar]
  26. Kuiper1980 – W.Kuiper, ‘Lombarden, paragraaf- en semiparagraaftekens in Middelnederlandse epische teksten’. In: Spektator10 (1980), p. 50-85.
    [Google Scholar]
  27. Kwakkel & Mulder2001 – E.Kwakkel & H.Mulder, ‘Quidam sermones. Mystiek proza van de Ferguut-kopiist’. In: TNTL117 (2001) 2, p. 151-165.
    [Google Scholar]
  28. Kwakkel2018 – E.Kwakkel, Books Before Print. Leeds: Arc Humanities Press, 2018.
    [Google Scholar]
  29. Mertens1994 – Th.Mertens, ‘Het doel van de reeks’. In: Th.Mertens (red.), Richtlijnen voor de uitgave van Middeleeuwse verzamelhandschriften uit de Nederlanden. Hilversum: Verloren, 1994, p. 9-11.
    [Google Scholar]
  30. Miller1984 – F.J.Miller (ed.), Ovid. Metamorphoses. Books IX-XV. Revised by G.P. Goold. Londen: Harvard UP, 1984.
    [Google Scholar]
  31. Murray1954 – A.T.Murray (ed.), Homer. The Iliad. dl. 1. Londen: Harvard UP, 1954.
    [Google Scholar]
  32. Reynders2004 – A.Reynders, ‘De Oudfranse Voeux du Paon en de fragmenten van de Middelnederlandse Roman van Cassamus’. In: Queeste11 (2004), p. 56-81.
    [Google Scholar]
  33. Schoenaers e.a. 2021 – D.Schoenaers, L.Breeus-Loos, F.P.Katz & R.Sleiderink, ‘Reconstructing a Middle Dutch Alexander Compilation’. In: Fragmentology4 (2021), p. 29-54.
    [Google Scholar]
  34. Sleiderink2015 – R.Sleiderink, ‘De Historie van Troyen in snippers. Restanten van een driekolomhandschrift in de Beinecke Library’. In: Madoc29 (2015) 2, p. 66-76.
    [Google Scholar]
  35. Sleiderink2019 – R.Sleiderink, ‘Een nieuwe tekstgetuige van de Historie van Troyen van Jacob van Maerlant. Het fragment Heeswijk-Dinther, Abdij van Berne, P.Inc 37’. In: Queeste (2019) 2, p. 177-185.
    [Google Scholar]
  36. Tilroe1933 – A.Tilroe, The Ilias Latina. A Study of the Latin Iliad, including translation, commentary and concordance. California, Faculty of the Department of the Latin University of Southern California, 1933; http://digitallibrary.usc.edu/digital/collection/p15799coll3/id/506434/, geraadpleegd op 7augustus2021.
    [Google Scholar]
  37. Van den Berg & Berteloot1993 – E. van denBerg & A.Berteloot, ‘Waar kwam Jacob van Maerlant vandaan?’ In: Verslagen en mededelingen van de Koninklijke Academie voor Nederlandse taal- en letterkunde (1993), p. 30-76.
    [Google Scholar]
  38. Van Oostrom1992 – F.van Oostrom, ‘Maerlant tussen Noord en Zuid. Contouren van een biografie’. In: id., Aanvaard dit werk. Over Middelnederlandse auteurs en hun publiek. Amsterdam: Prometheus, 1992, p. 185-216.
    [Google Scholar]
  39. Van Oostrom1996 – F.van Oostrom, Maerlants Wereld. Amsterdam: Prometheus, 1996.
    [Google Scholar]
  40. Verdam1873 – J.Verdam (red.), Episodes uit Maerlant’s historie van Troyen: naar het te Wissen gevonden handschrift. Groningen: Wolters, 1873.
    [Google Scholar]
  41. Verdam1911 – J.Verdam, Middelnederlandsch handwoordenboek. ’s-Gravenhage: Martinus Nijhoff, 1911.
    [Google Scholar]
http://instance.metastore.ingenta.com/content/journals/10.5117/TNTL2022.2.001.BREE
Loading
/content/journals/10.5117/TNTL2022.2.001.BREE
Loading

Data & Media loading...

This is a required field
Please enter a valid email address
Approval was a Success
Invalid data
An Error Occurred
Approval was partially successful, following selected items could not be processed due to error